alleen voor FPG-ledenDit hoofdstuk is voor u niet geheel zichtbaar, omdat u niet bent ingelogd.
Inloggen kunt u in de linker kolom bij Mijn FPG.
Bent u FPG-lid en heeft u nog geen inlogcode of kunt u anderszins niet inloggen? Neem contact op!

Nieuws FPG Dossier Pacht

Percentages normwaarden verpachte grond blijven gelijk

Voor belastingjaar 2017 blijft in box 3 de waardering van verpachte grond met een ‘niet-eindige pacht’ (lees: reguliere pacht) op 50% van de normwaarde van onverpachte grond. Dat blijkt uit de jaarlijkse publicatie van de Belastingdienst vandaag met de waardering van verpachte gronden voor box 3.

In onderzoek dat rondging in Den Haag werd een flinke verhoging van dat percentage gesuggereerd. De FPG reageerde op dat onderzoek, sprak op verschillende fronten zijn zorgen uit en voerde -met steun van LTO en NAJK- overleg in Den Haag. Overigens blijft de belastingdruk wel verder stijgen door de hogere prijzen van landbouwgrond. Met behulp van de gepubliceerde tabellen (PDF) kunt u eenvoudig de nieuwe waardering van uw gronden voor box 3 berekenen.

Vermogensrendementsheffing blijft onevenwichtig
Ook als is het gevaar van een hogere normwaarde voor verpachte grond voor de korte termijn afgewend: de verhoogde vermogensrendementsheffing die per 1 januari 2017 is ingevoerd treft de belastingplichtigen ten volle. De FPG blijft van mening de huidige vermogensrendementsheffing te zwaar drukt op een gezonde exploitatie van landgoederen en die van particuliere verpachters. De forfaitaire heffing staat in geen relatie tot het rendement van landgoederen en de wettelijk vastgelegde pachtnormen. Duurzame instandhouding en ontwikkeling van het bezit komen daardoor in gevaar.

De FPG blijft daarom pleiten voor snelle aanpassing van de vermogensrendementsheffing voor deze categorieën. FPG ziet zich daarin ook gesterkt door de beantwoording van de Kamervragen van mevrouw Lodders (VVD) van afgelopen week. Staatsecretaris Snel geeft daarin aan dat door de wijzigingen in de systematiek van de forfaitaire vermogensheffing de jaarlijkse actualisatie gemiddeld beter aansluit bij de behaalde individuele rendementen, maar dat dit niet algemeen opgaat. Hij erkent in dat verband dat er bij elk forfaitair systeem op individueel niveau afwijkingen zijn. De FPG vindt dat daar op korte termijn consequenties uit moeten worden getrokken.