FPG Nieuws

Akkoord over hoofdlijnen Programma Natuur

Na veel overleg hebben Rijk en Provincies overeenstemming bereikt over de hoofdlijnen van het Programma Natuur. De vandaag verschenen Kamerbrief hierover geeft meer zicht op de bestedingsrichting van de forse budgettaire impuls voor natuur. Voor FPG is het belangrijk dat er nu duidelijkheid is dat deze ook besteed kan worden aan natuurinclusieve landbouw. FPG vraagt wel meer zekerheid over gelijkberechtiging bij toekenning van de kansen en middelen.

FPG had de afgelopen maanden veel ambtelijk overleg over het Programma Natuur. Het gesprek hierover met Minister Schouten vorige week in Zeeland vond geen doorgang vanwege boerendemonstraties.

Budget ook buiten Natura 2000

Het Programma Natuur geeft voor de komende tien jaar de kaders voor de besteding van de extra Rijksmiddelen voor natuurherstel. Deze 3,25 miljard werd beschikbaar gesteld voor het oplossen van de stikstofcrisis (zie hier). Provincies en Rijk hebben nu bepaald dat de middelen zowel binnen als buiten Natura 2000 en Natuurnetwerk worden ingezet. Voor de middelen buiten Natura 2000 geldt wel als voorwaarde dat die rond die gebieden worden besteed, in gebiedsgericht beleid. Dat kan bijvoorbeeld met natuurinclusieve landbouw of klimaatslimme bossen.

Landelijke regie

De discussie tussen provincies en Rijk ging onder andere over de zeggenschap van het Rijk. Omdat het om aanvullend Rijksgeld voor natuur gaat wil het Kabinet daarop terecht meer stuur hebben. Ook verweet minister Schouten de provincies niet transparant te zijn (zie hier). Ook FPG is voorstander van heldere landelijke kaders (zie hier).

Gelijkberechtiging

Het programma erkent dat particuliere beheerders belangrijke partners zijn bij de uitvoering van het beleid. Landelijk ervaart FPG dat ook zo bij LNV. Wel merken we dat we bij een aantal provincies moeten blijven hameren op gelijkberechtiging bij toekenning van de kansen en middelen. FPG wil borgen dat particuliere eigenaren worden betrokken bij de besteding van extra budget voor natuurherstel. Daartoe heeft FPG eerder dit jaar een inventarisatie uitgevoerd onder haar leden naar concrete voorstellen voor de eerste tranche (zie hier).

Overgangszones en grondgebonden landbouw

In de Kamerbrief over de structurele aanpak stikstof van 24 april jl. sprak het kabinet nog de wens uit voor bufferzones rond Natura 2000. In navolging van de Commissie Remkes spreekt de brief nu over overgangszones. Daar wordt ingezet op “systeemverbetering via integrale gebiedsaanpak, met daarin een mix van functies”. De brief noemt als voorbeelden natuurinclusief boeren en klimaatbossen.

Omdat FPG bevreesd is voor economische zombie-gebieden, hebben wij ons in gesprek met de commissie Remkes zeer kritisch uitgelaten over de bufferzones. FPG heeft een meer duurzame inrichting ervan bepleit, met ruimte voor duurzame economische activiteit en ontwikkelingsruimte voor de grondgebonden landbouw. Zonder grondgebonden landbouw komen gebieden ernstig onder druk komen te staan door economische leegloop en gebrek aan dynamiek. FPG wijst daarbij ook op het Landgoedmodel, als voorbeeld van een integrale benadering die meer navolging verdient.

Onderzoek naar verbindingszones

Over verbindingszones stelt het Programma Natuur dat de noodzaak daartoe eerst zal worden geïnventariseerd. FPG wijst er daarbij op dat verbindingszones kunnen bijdragen aan herstel biodiversiteit, maar op zich niet bijdragen aan de oplossing van de stikstofproblematiek. Juist de grondclaims voor verbindingszones hebben in het verleden tot veel verzet geleid, omdat de impact van doorsnijding van het landelijk gebied en hun uitgestrektheid enorme economische en ruimtelijke impact heeft.

Tegen onteigening

De term onteigening komt in het document niet meer expliciet voor. Wel is voorzien in onderzoek naar de mogelijkheden en instrumenten voor versnelling verwerving en inrichting van (sleutel)hectares. FPG hoop dat steeds meer betrokkenen daarbij gaan inzien dat het eerdere pleidooi voor meer onteigening de verkeerde oplossing daarvoor is.

Een aantal weken terug nuanceerde het (Planbureau voor de Leefomgeving) PBL haar eerdere mening over meer onteigening en verplaatste het accent naar volledige schadeloosstelling. Volgens PBL moeten provincies de grondeigenaar vaker volledige schadeloosstelling aanbieden om de realisatie van natuurdoelstellingen te bespoedigen. Onteigening leidt tot ellenlange procedures met veel onzekerheid voor alle betrokkenen. Daarnaast is onteigening doorgaans de meest dure oplossing voor de overheid. Meer kansrijk dan onteigening is om eigenaren te verleiden mee te doen, door integrale oplossingen aan te bieden en kansen te bieden en ruimte voor zelfrealisatie. (zie meer hier).

Ambities

Voor FPG is tenslotte van belang dat ambities stroken met beschikbare middelen. Het Programma Natuur moet daarover volgens FPG meer duidelijkheid scheppen dan het nu al doet. Voor het buitengebied is het dood in de pot als er claims op gronden worden gelegd, zonder dat er zicht op financiering daarvan is.  Daarbij blijven we benadrukken dat de kosten van het beleid niet moeten worden onderschat.

Uitvoeringsprogramma: integrale benadering

De volgende stap is dat een uitvoeringsprogramma wordt opgesteld. FPG dringt in al haar uitingen aan op een integrale benadering daarbij. Zoals het programma vermindering stikstof te eenzijdig keek naar landbouw, is ook het programma Natuur te sectoraal gericht. Beter was het volgens FPG geweest te spreken van een Programma landelijk gebied. In de uitvoering moet hier zoveel mogelijk vorm aan worden gegeven.  FPG zet zich graag in voor zo’n integrale benadering. Daarbij zullen we wel blijven benadrukken dat voor de daarbij noodzakelijke gebiedsprocessen, respect voor eigendom cruciaal is.