FPG Nieuws

Klimaatplan: doelen vergen grote inspanning, details nog onzeker

In de reactie van het kabinet (hier) op het ontwerp-klimaatakkoord staat relatief weinig over landbouw, grondgebruik en natuur. Wel erkent het kabinet dat de uitwerking van de voorstellen uit het ontwerp-klimaatakkoord (hier) een grote inspanning vergt. Dat geldt ook voor de diverse maatregelen gericht op landgebruik.

De voorgestelde maatregelen zijn nog steeds op hoofdlijnen, verdere uitwerking volgt in 2019. Wel zijn een aantal belangrijke uitgangspunten vastgepind, waaronder het streven naar verdergaande grondgebondenheid. De plannen worden nu eerst doorgerekend door het Planbureau voor de Leefomgeving.

Landgebruik

Het hoofdstuk landbouw en landgebruik in het ontwerp-klimaatakkoord beslaat maar liefst 35 pagina’s. Daarbij gaat het om maatregelen om veenoxidatie tegen te gaan, over vastlegging van koolstof in en verminderen van lachgasemissies uit landbouwbodems. Verder betreft het maatregelen om afname van CO2-vastlegging door ontbossing te voorkomen en de CO2-vastlegging in bestaande natuurgebieden en openbare ruimten te vergroten. De verdeling van de taakstelling voor landgebruik is weergegeven in onderstaande tabel uit het akkoord, met de hoofdlijn van de maatregelen.

Vanuit de klimaattafels is aangegeven dat er voor landbouw en natuur verdere reductie mogelijk is. Een belangrijke voorwaarde is dan dat er voldoende financiële- en beleidsruimte komt om de ambities waar te maken, zo is opgenomen in het ontwerpklimaatplan.

Uitgangspunt: verdergaande grondgebondenheid

In het klimaatplan worden de uitgangspunten voor het klimaatbeleid opgesomd. De voor FPG belangrijkste daarvan zijn:

  • De afspraken streven naar verdergaande grondgebondenheid én het sluiten van kringlopen op de kleinst mogelijke schaal die passend is. 
    FPG is hiervan groot voorstander. Wel moet aangetekend worden dat in het klimaatplan voor het begrip grondgebondenheid sterk wordt gekeken naar het voorstel daarvoor van NZO/LTO. FPG vindt dat voorstel te technocratisch en wijst op het risico van perverse gevolgen ervan (zie onze eerdere reactie op het LTO/NZO voorstel hier).
  • De afspraken zijn kosteneffectief op klimaatgebied. De afspraken moeten met oog daarop gekoppeld aan ten minste één ander duurzaamheidsdoel dat door de maatschappij van belang wordt gevonden, zoals gezondheid, bodem, natuur, biodiversiteit en omgevingskwaliteit.
    Dit uitgangspunt sluit aan bij de integrale benadering waarvoor FPG staat. Boeren, natuurbeheerders en grondeigenaren worden soms gék van alle -vaak tegenstrijdige- opgaven die om beurten langskomen. De integrale benadering past ook bij de traditie van het landgoedmodel, van het combineren van grondgebonden functies binnen één ruimtelijke en economische eenheid (zie toelichting FPG (hier).

  • De afspraken onderkennen dat de sector zich kenmerkt door veel familiebedrijven en coöperatieve verbanden waarvoor voor het voortbestaan een stapsgewijze transitie van belang is. Doelen voor de lange termijn zijn richtinggevend én bevorderen actie op korte termijn.
    Volgens FPG mag daaraan worden toegevoegd dat door de aard van de natuur en bodem, snelle oplossingen niet mogelijk zijn in landbouw en natuur. Dit werd tijdens onze ALV ook benadrukt door Pieter van Geel, die daaraan wat FPG betreft terecht toevoegde dat we wel nú moeten beginnen.

Concretisering afspraken landgebruik

De afspraken binnen het hoofdstuk landgebruik vallen, vanwege verschillende bestuurlijke en bestaande financiële kaders uiteen in drie deelonderwerpen met ieder eigen indicatieve klimaatprestatie(s):

  • veenweidegebieden;
  • bomen, bos en natuur;
  • landbouwbodems

Veenweide

Voor veenweide wordt op de korte termijn gedacht aan het toepassen van onderwaterdrainage en drukdrainage op een landbouwareaal van 80.000 ha. Daarnaast is sprake van het verhogen van zomerpeilen binnen bestaande weidevogelreservaten, op een natuurareaal (bestemming natuur) van circa 2000 ha.

Aangegeven wordt nu dat kennisontwikkeling nog wel moet uitwijzen of en welke maatregelen effectief zijn voor de geplande 1 Megaton CO2-eq reductie in 2030. Het klimaatplan benadrukt vervolgens het belang om de doelstellingen op gebiedsniveau te realiseren. Voor de zeer ambitieuze doelen die resteren voor na 2030 moeten in dat verband nog verdergaande maatregelen worden uitgewerkt.

Bij die discussie benadrukt FPG specifiek dat naast inkomensschade en lagere gebruikswaarde van de grond, die veel worden bediscussieerd, ook het effect op de vermogenswaarde van de grond moet worden betrokken.

Bos en natuur

Bij de klimaatmaatregelen voor bos, bomen en natuur gaat het om vier categorieën maatregelen:

  • voorkomen van ontbossing,
  • vergroten van de vastlegging van koolstof in bos- en natuurterreinen door ander beheer,
  • vergroten van het areaal bos en natuur en tot slot
  • versterken van koolstofvastlegging in de keten.

Onze inzet daarvoor vindt plaats via VBNE (Vereniging bos en natuureigenaren), waarbij FPG is aangesloten (zie ook de aparte pagina van VBNE over klimaat).

Bodem

Bij de maatregelen voor bodem is opvallend dat wordt aangekondigd dat het ministerie van LNV een robuuste systematiek voor bodemlabels voor alle landbouwgronden wil ontwikkelen. Dit bodemlabel dient gerelateerd te zijn aan de hoeveelheid koolstof in de bodem en de bodemvruchtbaarheid, aldus het klimaatplan. Er lopen momenteel ook de nodige private initiatieven hiervoor (zie eerder artikel: Initiatief a-s-r voor dynamisch bodemlabel).

Van interesse is ook dat de Rijksoverheid voor 01-01-2021 een herziening van het pachtbeleid wil realiseren, gericht op borging van duurzaam beheer van de verpachte gronden.

Projecten

In het kader van het klimaatplan worden ook financiële middelen beschikbaar gesteld voor innovatieve en demonstratieprojecten en pilots. Voor veenweiden en landbouwbodems is daarvoor € 60 mln beschikbaar, voor natuur, bomen, bos € 50 mln. De precieze toedeling zal afhangen van cofinanciering.
Ook FPG en Provinciale Verenigingen hebben de nodige projectideeën hiervoor. 

FPG standpunt

De klimaatplannen kwamen tot stand na uitgebreid overleg tussen vele betrokken partijen, via zogenaamde klimaattafels. FPG was in het bijzonder betrokken, direct en indirect, bij de onderdelen over bos en veenweide. Ook onze ALV in december stond in het teken van het akkoord (hier). 

Naast de specifieke aandachtspunten, heeft FPG als algemeen standpunt in het klimaatdebat dat landbouw en natuur een belangrijke bijdrage leveren aan het vastleggen van extra CO2 en daar nog meer in kan betekenen door actief bosbeheer en duurzaam bodemgebruik. FPG zet zich daarbij in voor het versterken van grondgebonden landbouw en de kansen die particulier natuurbeheer biedt voor een integrale benadering van economie en ecologie. Verder benadrukt FPG dat er meer aandacht voor moet zijn dat de optelsom van alle ruimtelijke claims op de beperkt beschikbare grond in Nederland zullen leiden tot een enorme gronddruk (hier).