FPG Nieuws

Ondanks goede stappen in stikstofbrief blijft positie grondeigenaar en verpachter onvoldoende geborgd

Op vrijdag 24 april publiceerde minister Schouten de Kamerbrief over de voortgang van de stikstofproblematiek (klik hier voor gehele Kamerbrief). Hiermee loopt de minister vooruit op het lange termijn advies van de Adviescommissie Stikstofproblematiek, onder leiding van Johan Remkes. FPG ziet in de nieuwe Kamerbrief een aantal belangrijke zaken terug. Zo lijkt het respect voor eigendom bij de beëindigingsregeling beter geborgd en zien we ambitie voor de grondgebonden landbouw. Bij haar wens voor de komst van een actiever grondbeleid, benadrukt LNV nu het belang van duidelijkheid over de kosten, die kosten moeten niet worden onderschat. Echter, blijft er ook veel nog onduidelijk en ziet FPG de positie van grondeigenaar en verpachter nog onvoldoende geborgd.

Langjarige investering voor natuurversterking

In de periode 2021-2030 investeert het kabinet €300 miljoen euro per jaar in het versterken en intensiveren van het natuurbeleid. Deze middelen komen bovenop de €125 miljoen die reeds beschikbaar werden gesteld voor de op te richten Natuurbank en de additionele €125 miljoen voor de regeling voor natuurbehoud en -herstel. FPG is van mening dat ook particuliere eigenaren betrokken moeten worden bij de besteding van het extra budget voor natuurherstel. FPG is bovendien voorstander van zelfrealisatie. FPG heeft met oog daarop deelgenomen aan de uitvraag van het ministerie van LNV naar mogelijke voorstellen voor ]de besteding van het budget. De eerste inventarisatie van FPG heeft geleid tot 47 concrete projectvoorstellen. Deze voorstellen zijn onder de aandacht van LNV gebracht.

De kabinetsbrief noemt als maatregel ook "verhogen van de natuurbeheervergoeding". Momenteel worden de kosten voor natuurbeheer slechts ten dele vergoed. Binnen het NNN bedraagt de SNL-subsidie 75% van de standaardkostprijs die is berekend voor het natuurbeheer. In het kader van onze lobby voor een faire beloning voor maatschappelijke diensten, pleit FPG voor een verhoging daarvan. Daarbij trekken we nauw op met Natuurmonumenten en LandschappenNL.

Stimulering grondgebonden melkveehouderij

FPG ziet grondgebonden landbouw als een belangrijke oplossing voor de stikstofproblematiek. Eerder, in de stikstofbrief van 4 oktober 2019, stelde de minister al dat een versnelde overgang naar grondgebondenheid nodig is. Het is goed dat hier nu ook actie op ondernemen wordt. Schouten geeft aan dat zij, samen met de boeren, wil inzetten op het bevorderen van de beschikbaarheid van landbouwgrond in de melkveehouderij. FPG ondersteunt dit ten volle maar wil de positieve rol van grondgebonden landbouw graag nog duidelijker teruggezien in het stikstofbeleid door het ontzien van de grondgebonden landbouw bij de stikstofmaatregelen.

Landelijke beëindigingsregeling op basis van vrijwilligheid

Met betrekking tot de beëindigingsregeling, staat voor FPG het respect voor eigendom voorop. Dit betekent dat een dergelijke regeling enkel op basis van vrijwilligheid moet worden toegepast, hierover heerste nog veel onduidelijkheid. FPG is positief over het feit dat de Kamerbrief hier nu iets meer duidelijkheid over schept. De regeling voor bedrijfsbeëindiging zal via een tendersystematiek verlopen, hiermee lijkt de vrijwilligheid geborgd. Voor deze regeling wordt in totaal €1 miljard gereserveerd.

Positie verpachter blijft onderbelicht

Waar de vrijwilligheid van de beëindigingsregeling nu duidelijk geborgd lijkt, blijft de specifieke positie van de verpachter in het stikstofdossier nog onderbelicht. FPG waarschuwt ervoor dat de complexiteit van pachtsituaties in dit dossier niet onderschat moet worden. Wanneer er sprake is van bedrijfsbeëindiging of opkoop van agrarische bedrijven met pachtgronden, dan kan dat niet onder eigenaar. FPG heeft hierover specifiek contact met LNV.

Ook dient bij de uitkoop van melkveehouderijen de uitspraak van het pachthof over fosfaatrechten gerespecteerd te worden. Verpachters maken aanspraak op fosfaatrechten wanneer ze langdurig bedrijfsmiddelen van overwegend belang aan de pachter ter beschikking hebben gesteld. Als daarvan sprake is, moet de pachter bij het einde van de pachtovereenkomst fosfaatrechten overdragen aan de verpachter.

Veel landgoedmodel in stikstofbrief

FPG brengt al langer de toenemende gronddruk in het buitengebied voor het voetlicht. Lang was dit de olifant in de kamer die iedereen zag, maar waar niemand over sprak. De stikstofproblematiek maakt deze olifant niet alleen pijnlijk duidelijk maar vergroot ook de impact ervan. Balans in het buitengebied vraagt om een integrale aanpak. FPG wijst hierbij naar de kracht en de mogelijkheden van het landgoedmodel. Uit de stikstofbrief blijkt dat minister Schouten de waarde van deze benadering inziet, zonder deze expliciet te benoemen. (klik hier voor meer informatie)

Actiever grondbeleid met inzicht in de kosten

FPG pleit al geruime tijd voor openheid en duidelijkheid over de daadwerkelijke kosten van het grondbeleid. Op dit moment heerst er voortdurend onduidelijkheid over de daadwerkelijke kosten van bijvoorbeeld de veenweide aanpak (klik hier) en de afwaardering van grond ten behoeve van natuur en landbouw. Met interesse constateert FPG nu dat worden verkend wat nodig is om een actief grondbeleid te bekostigen (actiever grondbeleid is aankoop, ruil, en afwaardering van grond). FPG vindt het voor een eerlijke discussie belangrijk dat aan de voorkant helderheid wordt verschaft op welke wijze met beheerskosten, vermogensschade en functieverandering van de grond wordt omgegaan. Deze kosten moeten niet worden onderschat.

Geen uitbreiding Natura 2000

Minister Schouten geeft in de stikstofbrief aan dat deze natuur niet als Natura 2000-gebied aangewezen zal worden en dat de stikstofaanpak niet zal leiden tot een uitbreiding van bestaande Natura 2000-gebieden. FPG vindt dit belangrijk maar hecht vooral aan harde garanties. Scepsis heeft FPG hierbij ook omdat ons in de brief niet duidelijk wordt hoe wordt omgegaan met de aangekondigde doorlichting van Natura 2000.

Respecteer de grondeigenaar bij gebiedsgerichte aanpak

Een groot deel van de structurele aanpak van de stikstofproblematiek zal provinciaal worden uitgewerkt en gebiedsgericht worden ingevuld. FPG erkent hierbij het belang van een integrale aanpak. Bij de gebiedsgerichte aanpak die daarvoor wordt voorzien, wijst FPG op het belang van respect voor eigendom. Iedereen praat mee bij gebiedsgericht beleid, maar de eigendomsrechten van de eigenaren zullen bepalend zijn.

Grondeigenaren zijn in het algemeen bereid mee te werken aan gebiedsplannen, maar wel op basis van vrijwilligheid en tegen redelijke en billijke voorwaarden. Naast mogelijkheden voor een gezonde bedrijfsvoering vereist dat reële vergoedingen voor vermogensdaling en voor beperkingen in grondgebruik.

Duidelijkheid over budget voor ontpachting ontbreekt

Om te komen tot extensivering van de landbouw wordt in verschillende provincies gekeken naar de mogelijkheid van ontpachting en mogelijke budgettaire middelen daarvoor. FPG benadrukt dat die niet kunnen worden voorbehouden aan alleen de grote terreinbeherende organisaties. FPG heeft dit ook bij het ministerie van LNV onder de aandacht gebracht. Daarbij hebben we ook weer benadrukt dat verpachters, vanwege het achterhaalde pachtbeleid, bij langlopende pachtcontracten geen eisen mogen stellen aan het grondgebruik (zie hier). Om tot extensivering te komen zal daarom vaak sprake moeten zijn van beëindiging van het pachtcontract. Nu duidelijkheid tot budgettaire middelen voor ontpachting ontbreekt, zal FPG hiervoor nogmaals aandacht vragen.

Rol voor provincies bij extern salderen

De afgelopen weken leidde de onduidelijkheid over extern salderen in toenemende mate tot stevige discussie. De minister geeft nu aan dat het opkopen van veehouderijbedrijven vanwege de stikstofruimte niet mag leiden tot een ongerichte en ongecontroleerde uitkoop van het platteland. Om hier meer regie op te houden, schakelt de minister de provincies in om een initiatief tot extern salderen af te wegen in het licht van de gebiedsgerichte aanpak. De specifieke invulling en praktische uitwerking van deze aanpak blijft vooralsnog echter nog onduidelijk.