GPG Nieuws

Het buiten in je kop

DOOR JHR. F. (FERRY) L.P DROHL  Mensen kunnen verschillen in hun waardering voor iedere afzonderlijke kwaliteit van een landgoed. Maar het wezen van een landgoed wordt gevormd door de optelsom van haar assets. En ten opzichte van het wezen, het geheel van wat het landgoed vormt, misschien wel de ‘ziel’, verbleekt iedere individuele kwaliteit. Zonder het landschap is waardering voor de bebouwing incompleet. Eenieder die dit ontkent, besteedt zijn tijd en geld beter op een industrieterrein of hooguit Landal. Het landschap heeft geen mensen en ook geen eigenaren nodig. Het heeft eigenaren zien komen en gaan. Het voegt zich naar zijn biotoop, ontwikkelt zich en gaat om met opschot, afval, verschraling en overlast. Vreet zelf bijvoorbeeld ook golf ranges op. De eigenaar/beheerder onderhoudt en vormt om dit voegen aantrekkelijk en dragelijk te maken en te houden. Op een wijze die het landschap tot het zijne maakt, tot iets waar hij liever verkeert dan elders of tot iets wat meer opbrengt. Voor de gebruikers is de kwaliteit van ‘het binnen’ de wetenschap van ‘het buiten’. Buiten is binnen, ook in je kop. Ook als de eigenaar onwetend is en het niet ziet. Zonder buiten kan binnen overal zijn, zou het landschap inwisselbaar zijn en hoeven bezitters het niet te begeren. De stichters hadden (vast andere) bedoelingen, de huidige gebruikers de hunne. Zij vormen het landschap tot hún landschap, laten dat na of beschouwen het beter als andermans of ‘zichzelfs’. Het gewénste landschap maak je, houd je in stand. Dit vormt zich nooit vanzelf en het wil altijd anders. De staat waarin het verkeert of dreigt te verkeren is het antwoord op het beheer. Of, als de eigenaren ervan genieten: de beloning. Zij krijgen wat zij verdienen en zullen worden beoordeeld door hun opvolgers. Het landschap vindt niets.

Foto: Beheersbaarheid - Hans Deuss (eind vorig millennium) - olieverf op doek