GPG Nieuws

Monumentale parels van Gelderland dreigen verloren te gaan

Monumentaal erfgoed Gelderland dreigt de dupe te worden van het succes van waardevolle subsidieregeling

‘De landgoederen zijn de parels van Gelderland’ en ‘ons erfgoed is het behouden waard vanwege de historische waarde, de waarde voor de leefomgeving en de verbindende waarde’. Deze prachtige zinnen staan opgetekend in het coalitieakkoord Samen voor Gelderland. Het is goed om te zien dat de coalitiepartijen het grote belang van het cultureel erfgoed in Gelderland op waarde schatten. Hieraan zijn evenwel ook direct belangrijke ambities gekoppeld zoals het stimuleren van de restauratie van monumenten. Op dit moment wordt er echter gesleuteld aan een van de voornaamste subsidieregelingen voor de instandhouding van monumentaal erfgoed. Nu zal moeten blijken hoeveel waarde de coalitie daadwerkelijk hecht aan het monumentaal erfgoed van Gelderland.

Onmisbare maatschappelijke waarde van erfgoed

Monumentaal erfgoed, zowel gebouwen als tuinen en parken, heeft een sterke aantrekkende werking op recreanten en toeristen en verhogen het woongenot van omwonenden. Zo laat onderzoek zien dat elke geïnvesteerde euro in historische buitenplaatsen de samenleving €3.50 oplevert. Hiervan komt echter slechts 1% bij de instandhouder van het erfgoed terecht. Dit beeld maakt het maatschappelijk belang en de noodzaak van een goede subsidieregeling voor het behoud van monumentaal erfgoed treffend zichtbaar.

Subsidieregeling Functioneel gebruik erfgoed

Een van de pijlers voor de instandhouding van monumentaal erfgoed in Gelderland is de subsidieregeling Functioneel gebruik erfgoed. Deze subsidie is in het leven geroepen voor de bescherming, instandhouding, restauratie, herstel en verduurzaming van erfgoed, of het verrichten van onderzoek ten dienste daarvan. Onder monumentaal erfgoed valt vervolgens al het erfgoed dat door de Rijksoverheid of gemeente is aangeduid als beschermd monument.

Deze regeling biedt eigenaren broodnodige ondersteuning in de instandhouding van monumentaal erfgoed. Dat deze ondersteuning inderdaad broodnodig is, blijkt uit het feit dat de subsidieregeling de afgelopen jaren standaard overvraagd wordt. Dit zorgt ervoor dat elk jaar eigenaren uitgeloot kunnen, terwijl ze wel aan alle zorgvuldig opgestelde subsidievoorwaarden voldoen.Provinciale Staten heeft dit probleem terecht gesignaleerd en zoekt nu naar oplossingen.

Huidige oplossingsrichtingen vormen gevaar voor Gelders monumentaal erfgoed

Een van de oplossingen waaraan gedacht wordt, richt zich op het aanpassen van de subsidievoorwaarden. Zo wordt er gesproken over het focussen op bepaalde Gelderse parels. Dit zou betekenen dat er een rangschikking wordt aangebracht in monumentaal erfgoed met als gevolg dat erfgoed waarvan de waarde op dit moment nog buiten kijf staat buiten de boot kan vallen en verloren kan gaan.

Tevens wordt er gekeken naar verandering van financieringsvorm, zoals het omzetten van de subsidie naar een lening. Dit suggereert dat het in standhouden van erfgoed puur een verantwoordelijkheid is van de eigenaar, terwijl hieraan toch algemeen erkende maatschappelijke waarden verbonden zijn. Daarnaast gaat men er hierbij van uit dat bij behoud en restauratie het verdienend vermogen stijgt, zodat de lening terugverdiend en afgelost kan worden. Dit is echter zeer zelden het geval, vooral wanneer het om groen erfgoed gaat.

Ten slotte horen we dat er mogelijk gekeken wordt naar de financiële draagkracht van de aanvrager. Wanneer een eigenaar voldoende vermogen heeft zou deze de werkzaamheden zelf kunnen betalen. Deze redenering lijkt aan te sturen op een omgekeerde vorm van klassenjustitie. De ondersteuning van de instandhouding van kenmerkend en monumentaal Gelders erfgoed wordt immers geboden omdat het een algemeen, maatschappelijk belang is om dit erfgoed te behouden voor de volgende generaties. Dit geldt ongeacht de draagkracht van de aanvrager.

Behoud van erfgoed vraagt om politieke keuzes

Het Gelders Particulier Grondbezit roept Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten op om de discussie omtrent dit onderwerp te beginnen bij de kwestiewaar het écht om draait: er is kennelijk onvoldoende budget gereserveerd om aan de vraag te voldoen. De politieke vraag die hierbij als eerste beantwoord dient te worden is: hoeveel extra budget is er nodig en is de provincie bereid om dit beschikbaar te stellen?

Als blijkt dat de coalitie daartoe niet bereid is, dan rijst onmiddellijk de vraag wat dit betekent voor het Gelderse erfgoed. Voor het GPG staat voorop dat het buitengewoon riskant is om monumentaal erfgoed van bovenaf als wel of niet relevant te bestempelen. Hiermee gaat gegarandeerd erfgoed verloren dat wel degelijk van groot belang is, hetzij provinciaal of lokaal, maar dat bij de beoordelende instantie simpelweg niet in het vizier is. Wanneer het subsidiebudget niet opgehoogd kan worden dan is de huidige vorm, ondanks de loting, de minst slechte oplossing. Met dien verstande dat eigenaren die eenmaal zijn uitgeloot het volgende jaar niet nog eens uitgeloot kunnen worden. Dat zou het proces eerlijker maken.