Belastingdienst geeft uitleg over ervaringen met NSW-rangschikking
De Natuurschoonwet 1928 (NSW) is destijds in het leven geroepen om landgoederen met de daarop liggende bossen en natuurgebieden maatschappelijk toegankelijk te maken en voor de toekomst te behouden. Daarom krijgt de eigenaar iscale faciliteiten in de overdrachtsbelas-ting en schenk- en erbelasting. Bovendien zijn er jaarlijkse faciliteiten in de onroerendezaakbelasting, inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting en dividendbelasting.
“Landgoederen dragen bij aan natuurschoon; de overheid wil dat in stand houden”
Marga Schellekens en Angela Bergs van het NSWteam van de Belastingdienst hechten grote waarde aan de regeling. Bergs: “In Nederland zijn veel mooie landgoederen. Die dragen bij aan natuurschoon; de overheid wil dat in stand houden.”
RVO en Belastingdienst
Twee ministeries houden zich bezig met de NSW: Financiën en LVVN (Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur). RVO vertegenwoordigt het ministerie van LVVN en de Belastingdienst vertegenwoordigt het ministerie van Financiën.
RVO en de Belastingdienst werken samen. Ze staan ook op gelijke voet, benadrukken beide medewerkers. Eigenaren van landgoederen hebben vooral met RVO te maken; daar kunnen ze terecht voor vragen en moeten ze de aanvraag voor rangschikking doen. Vervolgens gaan medewerkers van de Belastingdienst het veld in om de situatie op het landgoed te beoordelen. “Bij een verzoek om rangschikking schrijven wij het advies en sturen dat naar RVO”, geeft Schellekens aan. “RVO geeft de beschikking af. Bij twijfel lichten wij ons advies toe. Het gaat echt in overleg, maar in de anderhalf jaar dat ik dit werk doe heb ik nog niet meegemaakt dat RVO afwijkt van ons advies.”
Ook de provincie waarin het landgoed ligt, heeft een stem. Hun hoofdtaak is het beoordelen van de houtopstanden en de natuur. Ook dat advies gaat naar RVO. Als de beschikking definitief is, gaat die naar de eigenaar of gemachtigde, met een kopie naar de Belastingdienst.
Controle op locatie
Als Schellekens via RVO een verzoek tot rangschikking krijgt, controleert ze eerst of alles compleet is en of bijvoorbeeld alle kaarten zijn bijgevoegd. Dan bereidt ze zich goed voor op een bezoek en ter plekke loop ze alles langs. “Ik noteer alles”, zegt ze. “Zijn bijvoorbeeld alle landbouwterreinen goed omzoomd? Voldoen de opstallen aan de voorwaarden? Is er niet te veel rommel op het terrein, want het moet de uitstraling van een landgoed hebben, en ik controleer eventueel de openstelling. Ik kijk ook of het beplantingsplan is uitgevoerd indien gerangschikt is met een beplantingsplan.” Vervolgens gaat ze in gesprek met de rentmeester en eventueel de eigenaar. “Dat is het leuke onderdeel”, zegt ze. “Die zijn vaak heel enthousiast over het landgoed en de natuur. Het is fijn als de provincie er dan ook bij is. Die geeft bijvoorbeeld tips aan de eigenaar om de natuur te onderhouden.”

Geen afstemming vooraf
Een eigenaar kan niet vooraf met de Belastingdienst overleggen of het landgoed voldoet aan de voorwaarden voor rangschikking. “Dat kan niet”, zegt Schellekens beslist. “De voorwaarden zijn helder.” Ze verwijst daarvoor naar de website van RVO. “Die is actueel en heel toegankelijk. Daarop staat ook een werkboek dat de eigenaar kan gebruiken.”
Niet iedereen is bekend met de informatie op de website van RVO, constateert Schellekens. Soms krijgt ze verzoeken voor rangschikking waaruit blijkt dat de aanvrager de beschikbare informatie niet heeft gelezen, zoals een verzoek voor een buitenplaats met 60 vierkante meter. “Voor een historische buitenplaats geldt een uitzondering op de minimale omvang van 5 hectare, maar er moet wel een tuin of park zijn van minstens 1 hectare. Het staat zo duidelijk op de website van RVO.”
Bij controles treft ze allerlei situaties aan. Bij sommige aanvragers is alles ‘pico bello’ in orde, maar dat is niet overal zo. Schellekens: “Geregeld constateren wij dat de openstelling niet in orde is. Als bij ons een verzoek voor rangschikking binnenkomt, moet de openstelling al gerealiseerd zijn. Als wij komen, moeten de paden er liggen en de toegangsbordjes er staan.” Soms is dat met kleine aanpassingen wel te realiseren. “Wij zijn geen adviseurs, maar geven af en toe wel tips”, zegt ze. Schellekens kijkt ook naar fiscale claims: “Bezit de eigenaar nog alle kadastrale nummers of is er iets verkocht? Als er nog een fiscale claim is, zet ik die in het systeem en dan kijkt de binnendienst of de belasting alsnog ingevorderd wordt of verschuldigd blijft.”
Is een eigenaar die een verandering aanbrengt, verplicht om dat te melden?
Bergs: “Als een NSW-landgoed verandert, moet dit als wijziging aan RVO worden doorgegeven. Als een eigenaar van plan is om een grote wijziging aan het landgoed aan te brengen, kan men vooraf laten beoordelen of dit gevolgen heeft voor de rangschikking. Via de website van RVO kan iemand een melding van voorgenomen handeling insturen en RVO en Belastingdienst checken de gevolgen voor rangschikking en de fiscale gevolgen. Als dat voor de eigenaar ongunstig uitvalt, kan hij er alsnog vanaf zien.
We zien in de praktijk weleens dat mensen iets doen waardoor de rangschikking in gevaar komt. ‘Hadden we dat maar niet gedaan’, zeggen ze dan achteraf. ‘Waarom heeft u geen melding van voorgenomen handeling gedaan?’, vragen wij dan. Dat geeft voor een eigenaar veel duidelijkheid. Het kan veel problemen voorkomen.”
Schending van NSW-voorwaarden
Als er geen melding wordt gedaan, kan er dan vele jaren sprake zijn van een situatie die niet aan de regels voldoet?
Schellekens: “Nee, wij hebben een keer in de zoveel tijd controlemomenten. Wij constateren dan zoiets als we in het veld zijn. Dan controleren we bijvoorbeeld ook de openstelling en of het padenplan en het beplantingsplan uitgevoerd zijn. Het beplantingsplan moet binnen drie jaar na datum van ingang van de beschikking uitgevoerd zijn.” Als dat niet binnen die termijn is gebeurd, kan dit leiden tot gehele of gedeeltelijke intrekking van de rangschikking, met als mogelijk gevolg invordering of het alsnog verschuldigd zijn van belastingfaciliteiten.
Stelt u de eigenaar of rentmeester vooraf in kennis van uw bezoek?
Schellekens: “Ja, we staan niet ineens voor de deur. We maken dan meestal een afspraak met de rentmeester. Soms wil ook de eigenaar er zelf bij zijn. Bij controle van een openstelling maken we vooraf geen afspraak.”
“We willen samen met de eigenaar of rentmeester Nederland nog mooier maken”
Controleert u ook IB-aangiftes op nieuwe of vreemde vermogensposities?
Bergs: “Een groot deel van mijn werk bestaat uit controles, maar ik kan niet vertellen welke controles wij doen en hoe we die uitvoeren. Via allerlei wegen krijgen wij signalen binnen en controleren we de instanhoudingseis en de bezitseis en beoordelen wat de fiscale gevolgen zijn als de openstelling wordt ingetrokken. We kijken dan wat er in de afgelopen 25 jaar is gebeurd en of er belastingclaims zijn die gaan herleven.”
Welke consequenties heeft het als het landgoed niet meer aan de NSW-regels voldoet?
Bergs: “Bij het niet naleven van de instandhoudingseis moet de eigenaar het hele bedrag terugbetalen van de faciliteiten die hij of zij heeft genoten bij de overdrachtsbelasting en schenk- en erfbelasting. We kijken daarbij naar alle claims over de afgelopen vijfentwintig jaar. De intrekking van de rangschikking kan dus ook gevolgen hebben voor een vorige eigenaar.”
De bezitseis bij schenk- en erfbelasting is later in de wet gekomen om te voorkomen dat erfgenamen of begiftigden het landgoed verkrijgen gebruikmakend van de fiscale faciliteiten en het vervolgens verkopen. Als ze het binnen 25 jaar verkopen, dan volgt een navordering met aftrek van 1/25 deel voor elk jaar dat ze het in bezit hebben.”
Komt dat vaak voor?
Bergs: “Ja, ik heb regelmatig te maken met een schending van de instandhoudingseis en/of bezitseis.”
Schellekens: “We hebben ook te maken met de schending van de openstellingsvoorwaarden. Soms kom ik op landgoederen waar alles op slot zit en zelfs een bordje ‘Verboden toegang’ hangt. Misschien realiseert de eigenaar zich niet dat er nog een claim loopt op grond van het feit dat het landgoed opengesteld is. Deze claim kan ook nog van de vorige eigenaar zijn. Je ontvangt behoorlijke faciliteiten in de erf- of schenkbelasting voor het laten meegenieten van een landgoed door anderen. Als je dat fiscale voordeel hebt en je hoeft alleen maar een paadje aan te leggen en een bordje te plaatsen, doe dat dan! Je hóeft het niet open te stellen.”
Bergs: “Het verlies van de openstelling heeft gevolgen voor de genoten fiscale faciliteiten in de schenk en erfbelasting. Als erfgenamen of begiftigden een deel van het landgoed verkopen, hebben kopers niet altijd zin om het landgoed open te stellen. Ze krijgen wel vrijstelling in de overdrachtsbelasting, want daar heeft de openstelling geen invloed, maar het kan zomaar gebeuren dat je dan een samenloop krijgt van schending van de bezitseis én van de instandhoudingseis op het gebied van open stelling. Om dit soort gevolgen te voorkomen, moet de verkoper er dus bij verkoop voor zorgen dat in de akte van levering wordt opgenomen dat de koper verplicht is de openstelling voort te zetten tot het tijdstip waarop de claim van de verkoper loopt.”
NSW 100 jaar
De NSW is bijna 100 jaar oud, maar er zijn voortdurend nieuwe ontwikkelingen zoals zonnepanelen, windmolens en boerenlandgoederen. Schellekens geeft een voorbeeld: “Ik was op een landgoed waar veel zonnepanelen op een soort pergola lagen, maar het was mooi omzoomd met een heg. Als de zonnepanelen dan voor eigen gebruik zijn, voor de instandhouding van het landgoed, dan is dat mogelijk.
Als het zakelijk is en er wordt vooral aan het net geleverd, dan zal het niet onder de rangschikking vallen.” Schellekens en Bergs zijn positief over de komende tweede eeuw van de NSW. Bergs: “Wij gaan met onze tijd mee. De website van RVO is actueel en goed opgezet, zodat veel informatie makkelijk te vinden is. Daarnaast is de opmaak van de beschikkingen vernieuwd. Wij willen niets liever dan dat de volgende generatie het landgoed voortzet en zoveel mogelijk openstelt. Daar proberen wij als Belastingdienst ons steentje aan bij te dragen.”
Deel dit bericht
Over de Landeigenaar
Het decembernummer van De Landeigenaar staat in het teken van de maatschappelijke waarde van landgoederen. U leest onder meer een exclusief interview met twee specialisten van het NSW-team van de Belastingdienst, waarin zij hun ervaringen met de NSW-rangschikking toelichten.
Daarnaast bevat dit themanummer onder andere ook nog de volgende interessante artikelen:
- Natuurschoonwet 100 jaar: verleden vieren, toekomst vormgeven.
- Dicht planten leidt gegarandeerd tot een incomplete laan.
- Particulier wordt benadeeld bij financiering van natuurbeheer.
- De Heinose landgoederenzone verdient een plek op de kaart.
De Landeigenaar is hét vakblad over beheer van het buitengebied, en verschijnt elk kwartaal. Het full colour tijdschrift is tevens verenigingsorgaan van de FPG. In iedere uitgave staan boeiende interviews en bijdragen van deskundigen op uiteenlopende terreinen, evenals nieuws en informatie uit de vereniging.
De Landeigenaar is een uitgave van Uitgeverij De Landeigenaar B.V.
Leden van de FPG zijn automatisch geabonneerd op De Landeigenaar.